Marijn

1. Kreukeltape
2. Somerset
3. Wolkenkrabber
4. Schipbreuk
5. J'espere ca
6. Lawine

cd on Lampse, May 2006
lp on Burning World Records, December 2007

The firtst 'official' Machinefabriek full length. Making this felt like an enourmous achievement back then, and I'm still very proud of this release.

SOLD OUT
But available as download


Reviews

The Wire

The Highly pleasing debut album by Dutch musician Rutger Zuydervelt is eminiscent of Willian Basinski and Harold Budd among others, but has plenty of twists and turns of it's own. 'Kreukeltape' is particulalrly Basinski-esque, but it's as if the music has bene amplified and subjected to a still more extreme aging process. Drifting like an electronic Marie Celeste, it manages to convey a substantial sense of absence. Even the minimal piano interventions seem excessive and garrulous, such is the mood Zuydervelt creates here. On 'Somerset', one imagines a rusty foghorn retrieved from a dead sea and laid to rest with a simple keyboard motif. 'Wolkenkrabber' hovers and sustains over ten minutes, it's ashen bank of cloud broken only by the odd ripple of static and occasional lightning flash. On 'J'Espere Ca', flurries of piano and flotsam remnants of washed up rock guitar merge, stir and work up into a Fennesz-like typhoon of dirty grain. Over 'Lawine''s 20 minutes, uneasy serenity filings which heave in and obliterate the piece like a plague of ravenous locusts. 'Lawine' showcases the singular talent of Rutger Zuydervelt, his ability to morph from near-absolute sonic stilness to noise jams with slow, barely descernible stealth.

Kosmik Weblog

Rutger, de man achter machinefabriek, neemt zichzelf niet heel serieus. alleen al de naam machinefabriek; daar lijkt een fikse dosis ironie achter te zitten. of songtitels als 'slaap', 'zucht', 'allengskens', 'kreukeltape'; het schreeuwt dingen als 'machinefabriek doet niet moeilijk en windt er geen doekjes om'. ook de begeleidende boodschappen bij de promo's die hij naar bijvoorbeeld kindamuzik stuurt: "ter recensie, vermaak of whatever", en doet er vervolgens nog een leuke sticker bij van een kleuter die een laptop doorzaagt. vind ik mooi. alleen al om deze benadering is rutger mijn nieuwe held.

Dat hij vervolgens echter muziek maakt die ik niet anders dan bloedserieus kan nemen, spreekt alleen maar nog meer voor hem. marijn is zijn eerste echte langspeler (hij doet veel met 3" cdtjes of zelfs met creditcardformaat schijfjes) en die is direct van dusdanige kwaliteit dat hij direct in precies dezelfde league zit als fennesz, biosphere, stars of the lid, deathprod en william basinski.
neem die laatste bijvoorbeeld, william basinski. die doet fabelachtige dingen met versleten tapes en haalt daar de mooiste ambient uit die je je voor kunt stellen. hij heeft daar meestal zo'n minuut of veertig voor nodig. machinefabriek niet. die start het album met 'kreukeltape' en doet in een dikke vier minuten exact hetzelfde. met een resultaat dat ook dezelfde impact als het betere werk van basinski heeft. met speels gemak ook nog, want dat hoor je er op een of andere manier duidelijk aan af. en zo gaat dat het hele album door. fennesz-achtige glitch komt voorbij alsof het niets is, en minstens even goed als de meester zelf. stars of the lid-droomlandschappen worden geschapen en weer afgebroken. onheilspellende geluidsgolven die net zo goed van stephen o'malley vandaan konden komen: ja, ook die zijn er bij machinefabriek. als er al kritiek moet komen, dan wellicht het gebrek aan eigen gezicht? nee, ook niet. want juist door die onmiskenbare speelse ondertoon, die terloopsheid in die doodserieuze ambient geluidstuin herken je direct machinefabriek.

En daarbij, na al deze belevenissen heb je pas vier van de zes nummers gehad. hoor hoe in nummer vijf 'j'espere ca' zijn gedubde piano appergio steeds verder bedolven raakt onder een continue aanzwellende golf ruis en noise. de minutenlange nasleep heb je hard nodig om weer op adem te komen. afsluiter 'lawine' doet zijn naam eer aan: een lawine van geluid (weliswaar in slowmotion), een lawine van emoties (ook nogal langgerekt want het duurt een minuut of 18). en bedoeld of niet: alles komt hier samen. van verstilde dromen, via vervormde pianonoten en sluimerend onheil, naar brute noise met louterende werking.

Machinefabriek is niet iemand die graag terugkijkt, heb ik het idee. aan de lopende band komen er nieuwe releases uit - al dan niet via een platenmaatschappij - en de opnames van marijn gaan dan ook al terug november 2005. maar dit marijn, dit vraagt er gewoon om om langer bij stil te staan. dit album is een monument voor de ambient in al zijn vormen, en de enige reden dat hij niet op nummer 1 staat is dat er twee andere albums dit jaar zijn uitgebracht die van zo een niveau bleken dat er geen maat op stond. dat marijn echter albums van biosphere, ktl, william basinski, johann johannsson, jacob kirkegaard, sunno))) & boris en geir jenssen zo makkelijk en zonder enige moeite achter zich kan laten, zou genoeg moeten zeggen. ik hou vanaf nu dan ook verder mijn mond.

Tinymixtapes

Several weeks ago, I rented a DVD copy of Smiley's People, the 1982 BBC adaptation of John Le Carré's novel starring Alec Guinness as George Smiley. Perhaps it means you're getting old when you start reading Le Carré and Graham Greene, and would rather watch The Constant Gardner than The DaVinci Code, but if that be the case, then so be it. There is a scene in the second episode of the mini-series during which Smiley systematically rifles through the shabby apartment of a Russian agent. He rummages through drawers, searches under mattresses, sifts through ashtrays, and combs the bookcase, looking for a piece of evidence. The scene barely exceeds three or four minutes in length and is completely quiet, save for the sounds of Smiley quietly turning over a man's apartment. It was dark when I watched the scene, and the temperature in my house was probably between 75 and 80 degrees. I found myself mesmerized by the sounds coming from the television and began to nod off. The next day I put the DVD in my computer, and created an MP3 audio file of that scene. Listening to the track later, I discovered that it lost nothing of its tranquility and soothing charm, but with the absence of the video component with which to contextualize the sound, the file attained an oddly mysterious otherworldliness. I don't know when I'll ever find occasion to listen to the piece again, but I felt like I needed to commit the scene to audio for safe-keeping.

There is a similarly somber and otherworldly quality to Marijn, the proper full-length debut from Machinefabriek. An electronic noise project of Dutch musician Rutger Zuydervelt, Machinefabriek fits fairly neatly into the Philip Jeck/Otomo Yoshihide/Christian Marclay school of avant-garde experimental turntablism. To this listener's ears, every single track on Marijn contains sounds clearly sourced from vinyl. The needle noise ranges from barely audible to borderline distracting, but it nonetheless maintains an omnipresence throughout the record. Unlike most of Zuydervelt's musical forebears, however,

Machinefabriek makes liberal use of piano on each track as well, to the point where the album has been labeled "post rock" in some circles (though it is much more experimental and improvisational than most post rock this reviewer has encountered).

Throughout the album, ominous rumblings and scrapings suggest vague, shambling movement. The spare, minor-key piano melodies employed herein fall somewhere between Chopin and Harold Budd, only darker and considerably more haunting. Though the piano on Marijn is inclined toward loop-based repetition, Zuydervelt relies on shifting sounds and textures to propel these tracks. But each piece evolves slowly, forcing the listener to concentrate on the textural nuances just as much as, if not more than, the melody itself. Subtlety is the operative word on this particular Machinefabriek outing, though the pieces periodically achieve an almost claustrophobically oppressive sense of foreboding, particularly the sixth and final track, "Lawine," which gradually builds in cacophonous intensity until anxiety ultimately ensues. Through the use of both acoustic and electronic instrumentation, Machinefabriek uses the recognizable as a template, building upon the sounds by treating them electronically and rendering them more often than not as eerily alien soundscapes. Marijn is an exceptional release that will be music to the ears of anyone who can appreciate needle noise as one of life's simple pleasures.

3voor12

Tussen puin en verwrongen staal bloeien de mooiste bloemen. "Machinefabriek" zag Rutger Zuydervelt op een vervallen gevel staan, ergens in een buitenwijk van zijn woonplaats Arnhem. Een mooi woord als benaming voor zijn muzikale activiteiten. Zo'n tien jaar na dat moment bracht Machinefabriek in mei 2006 zijn eerste album, "Marijn", uit op het Engelse label Lampse.

De jaren daaraan vooraf gingen aan een kleine groep ingewijden niet onopgemerkt voorbij. Machinefabriek bracht in eigen beheer zo'n twintig (!) 3" cd-tjes uit, de meeste in een oplage van vijftig. Zuydervelt manifesteerde zich daarop als een talent in de elektronische muziek (korte tijd noemde hij zichzelf ook nog De Elektronicawinkel) met een groot gevoel voor spannende abstractie.

Een evolutie, zoals hij zelf schrijft op zijn website: "Beats maken plaats voor drones, melodie maakt plaats voor noise en instrumenten voor field-recordings".
Zuydervelt gebruikt zowel echte instrumenten als gitaar, piano, xylofoon, saxofoon, cello en drums, als omgevingsgeluiden opgevangen door het open raam, pratende mensen, blatende dieren, een typemachine een dictafoon en, heel bijzonder, het geluid van een stad (het 3" cd-tje Manchester). Een noisepedaal en een laptop doen de rest. Zo ontstaan klankwerelden waarin aanvankelijk ijle wolken van geluid zich vaak donderend verdichten om uiteindelijk weer op te klaren. Met hier en daar een piano-akkoord of een gitaar-drieklank.

Op Marijn komen alle vingeroefeningen van Machinefabriek in het land van de onbegrensde mogelijkheden der abstracte elektronische muziek uiteindelijk samen. Het album is een verhaal bestaande uit zes hoofdstukken, zes avonturen in een muzikale wonderwereld, zes drones waarin telkens een instrument een concreet contrapunt vormt. Zo nadert de opening Kreukeltape na het inpluggen van een instrument in een versterker vanuit de verte, waarbij de fluctuerende klank van een mottige piano een eerste zweem van melancholie oproept. Somerset clickt dat gevoel vervolgens verder met een drieklank op gitaar en xylofoon. In Wolkenkrabber kom 't nog dichterbij met een langzaam verlopende grondtoon en bewerkte piano en gitaar. Om uiteindelijk via Schipbreuk en J'espere Ca uit te komen bij de catharsis, het laatste nummer, het achttien minuten durende Lawine. Een drone die subliem en met een perfect gevoel voor timing opbouwt vanuit vrijwel stilte naar donderende noise en ruis om je tot slot alleen te laten met de modulerende grondtoon. Als onweer in de bergen. Waarna alles weer fris en vitaal is maar een onbestemd gevoel van melancholie zich meester van je heeft gemaakt.

Machinefabriek maakt muziek voor wie wil luisteren. Muziek voor wie wil kijken naar wolkenluchten, vergezichten, watervlaktes, zonsop- en ondergangen, Voor wie wil voelen dat de tijd dan even stilstaat. Met Marijn legt Machinefabriek zijn eerste meesterproef af. Cum laude.

Pitchfork

For those of us unable to spare five consecutive hours to take in the entirety of ambient drone's Ring cycle, The Disintegration Loops, Machinefabriek kindly serves up the Cliff's Notes. "Kruekeltape" has all the snap-crackle-pop and eerie discord of William Basinski's glorified tape-eating, yet at five minutes you can spin it several times on your morning commute-- making the road to work that much bleaker.

The cacophony of a jack that can't quite find its hole sets the scene for rain-like static and tape hiccups that sound like distant thunder, which eventually coalesce around a sparse, elegiac piano melody draped over looped cello. Notes amble along, shifting increasingly out of pitch until a death knell low-octave chord hits, rattling discordantly into a sandstorm of building tape hiss. This is harrowing, gloom-stricken, bowels-of-the-earth shit, a requiem for something that never had the chance to exist.

Foxy Digitalis

After countless self-released 3" CD-Rs (none of which I´ve heard), here´s the first more widely distributed full-length CD by Holland´s Rutger Zuydervelt presenting six tracks of post-industrial ambience. Zuydervelt works with live instruments, mostly piano and guitar, and intense computer processing to create gloomy instrumentals.

Zuydervelt´s tracks develop very slowly and he takes all the time in the world to push them to the level of density his music requires. The album starts with the snaps and crackles of "Kreukeltape", its treated piano giving the track a distinct deteriorating charme. "Somerset" features Zuydervelt on guitar and has a very physical presence to it, mostly through the noisy digital hiss in the background. In the middle of the CD, there are two relatively disappointing tracks, both of them hinting at Zuydervelt´s talent, but not arriving at their projected destination. "J´espere ca" does just that with Zuydervelt delicately layering feedback and white noise on top of a repeating piano theme.
The magnum opus of "Marijn" is the 18 minute album ender "Lawine" though. Zuydervelt starts looping piano, but soon departs from there and plays a menacing melody followed by a transistory section that leads to the grand finale: A five minute noise orgy that sounds like plugging headphones into the turbine of an Airbus. This is quite a surprise when compared to the overall quiet nature of the remainder of the CD, but it sums up a very dense and satisfying album.

NRC

Machinefabriek is het project van de Nederlandse musicus Rutger Zuydervelt en Marijn is zijn eerste echte album, na een reeks van die grappige kleine 3-inch-cd'tjes in eigen beheer. Ook in dienst van het Engelse labep Lampse maakt hij ijle klanken, die op zijn tijd gestut worden door heftige interrupties van contrasterende aard. Het grensvlak van ambient, geluidskunst en 'industrial' kent weinig geheimen voor hem. Maar wie op grond van die omschrijving, en van de naam Machinefabriek, een bak ontoegankelijke herrie verwacht zal verrast aan de stoel gekleefd blijven.

In opener Kreukeltape roepen vermolmde pianoklanken een onontkoombaar gevoel van wrange nostalgie op. Hoopvoller is de stemming in Wolkenkrabber: een sierlijke 'drone', van de monotonie gered door onverwachte, statische geluiden. In J'espere ca is het weer zo'n desolate, minimale pianopartij, die zich een weg baant door allengs schrillere en wringender geluiden.

Het afsluitende, dik achttien minuten durende Lawine is Zuydervelts krachttoer: een klankschildering die van vorm verschiet met de subtiele snelheid van een wolkenhemel op een bijna windstille dag. In dit drukbevolkte en niet altijd even gemakkelijk begaanbare veld is Machinefabriek een interessante uitschieter die wonderbaarlijk mooie dingen doet met schijnbaar losse geluiden, en daar een bijzonder gevoel voor diepgang achter weet te suggereren.

Oor

Met zijn zelf gebrande, zelf vormgegeven en zelf verspreide 3-inch cd'tjes kan ik inmiddels een doos vullen, tijd voor een 'echt' album bij een 'echt' label.
Marijn, uitgebracht bij het Engelse Lampse, is gelijk ook het beste dat Arnhemmer Rutger Zuydervelt te bieden heeft. Melodieuzer, rijker aan kleur, verfijnder vooral, dan de soms brute noise-exercities, rigide tapemanipulaties en speels-naïeve tingeltangelmuziekjes op zijn schattige eigenbeheeruitgaven, die toch al steeds beter werden. En daarbij: ik hou van bruut en speels en naïef. Op Marijn krijgen de schetsen vorm en structuur. Pianoklanken en gitaarfeedback verwaaien, maar wel de goede kant op. Langzaam groeit de broeierige muziek naar een catharsis-achtige climax: Lawine aan het einde van de cd. Bij enkele van de zes drones en ambientstukken twijfel ik of ik ze herken van de EP's (waar is die doos nou toch gebleven?). Ze laten de zachte kant van Zuydervelt horen. De melancholicus die lijkt te willen vluchten in een droomwereld die pas bij nadere bestudering iets puurs en teders in zich blijkt te dragen. De buitenkant is lelijk: industrieel, vervormd, desolaat. Maar Zuydervelt vindt er troost, en wij met hem.

Subjectivisten

Een verdronken piano begeleidt door een bad vol glitch, zetten een adembenemende atmosfeer neer. Zo opent het debuut Marijn van Machinefabriek op indrukwekkende wijze. Het desbetreffende nummer heeft de passende titel "Kreukeltape". Laat je overigens niet misleiden door het woord debuut, want de Arnhemmer Rutger Zuydervelt die schuil gaat achter de machinefabriek, heeft in eigen beheer al meer dan 20 voornamelijk 3" cd's uitgebracht. Net als zijn nieuwe cd zitten die releases ergens in de elektronische hoek, de ene keer wat lawaaieriger dan de andere keer en soms meer met akoestische instrumenten dan de andere keer. Marijn bestaat uit 6 tracks die naadloos in elkaar overlopen. De lijm bestaat uit flarden van verstrooid geluid, die soms op subtiele wijze naar behoorlijke harde geluidsmuren evolueren. Tussen het claustrofobische geheel van glitch, noise, kraakjes, piepjes en vooral drones door, hoor je dan pianostukken en verwaaiende gitaarpartijen. De muziek, die een soort industriële symfonie is, zit je als één lange en vooral spannende thriller uit. Zelden heb ik muziek meegemaakt die zo teder en tegelijk zo vervaarlijk en zowel desolaat als intiem kan zijn. De goudkleurige cd-hoes met daarop de donderwolk is wat dat betreft een perfect gekozen voorkant. Je moet denken aan een wisselende combinatie van Fennesz, William Basinski, Merzbow (in een lieve bui), Stars Of The Lid, Deaf Center en Ryan Teague. Het is muziek die zo op het kwaliteitslabel Type uitgebracht kan worden en natuurlijk op Lampse, waar de cd nu een mooi onderkomen heeft gekregen. Machinefabriek is een nieuwe naam aan het firmament en Marijn een bloedstollende schoonheid!

Kindamuzik

Regelmatig bracht Rutger Zuyderveldt de afgelopen twee jaar kleine cd-tjes uit in eigen beheer, gestoken in zelfontworpen hoesjes en gevuld met sympathieke muziek die steeds beter werd, steeds verfijnder en evenwichtiger. Bij het jonge Engelse label Lampse merkten ze dat ook op. Daar kreeg hij de Arnhemmer de mogelijkheid om een 'echt' album uit te brengen van vijftig minuten, op een cd van normale grootte. Het is meteen zijn beste werk tot nu toe. Beter gezegd: het is behoorlijk briljant.

Vooral de drones van Machinefabriek maakten indruk. Lange nummers die vanuit kleine friemelgeluiden langzaam uitgroeiden tot donderende geluidswolken. Niet zo gek dus dat 'Marijn' grotendeels is gevuld met drones. Alleen in het begin blijven de ontladingen achterwege. Daar wordt een droeve melodie gespeeld op een ontstemde piano, zo'n eentje waarvan elke toon meteen afbuigt. Op de achtergrond ruist het zachtjes, af en toe klinkt er een lawaaiige oprisping - kreukels in de tape als we de titel mogen geloven. Ook op 'Wolkenkrabber' wordt die piano gebruikt. Alleen wordt er minder gepingeld en meer 'gedroned'. Een lange, fluisterende drone die pas op het eind wat volume krijgt.

Later op het album is de sfeer drukkender. Zoals op 'J'espere ca' dat begint met piano-aanslagen die struikelen over hun eigen echo en verderop het nummer langzaam verstrikt raken in kluwen van noise en ruis. Daar is het donker en koud en winderig genoeg om scharnieren te laten piepen en hout te laten kraken. Temidden van al dat gebulder kijk je prachtig uit over alle geluiden en nuances die zich aan de zijkant van dat zwart aftekenen. Hier geen ééndimensionale noise. Nee, tussen al dat gebrom en gebeuk zit waarachtig een dynamiek en een ontwikkeling die je piepklein in je stoel achterlaat.

Machinefabriek hoort met dit album officieel bij de grote jongens die iets moois kunnen maken van ruis, kraak en ander geluids-afval. De spanningsboog, de korrel, de sfeer - alles klopt op dit zogenaamde debuut dat zich laat luisteren als één lang nummer. Binnenkort komt er 7 inch van hem uit bij Type - één van de boeiendste label van dit moment. Wat er daarna gebeurt is afwachten. Maar als hij zich zo snel ontwikkelt als de afgelopen tijd dan is dit slechts een veelbelovend begin.

Aquarius

We love noise. Not the face melting super nova amp destroying ear shredding noise of Merzbow and Wolf Eyes, although we do dig that too. No, we're in love with -noises-, the sounds of sound, from the warm whisper of nature, the whoosh of the wind, the roar of the surf, the chirping of crickets and the croaking of frogs, to the clattery clang of industry, the roar of cars, the grind of machinery, the whir of air conditioning and and the thrum of vacuum cleaners, to the subtle sonic byproducts of sound reproduction and music making, the hiss of old cassette tapes, the warm warble of old 78's, the pops and crackle of lps, the digital glitch and fuzz of more modern musical malfunctions. On their own sure, we could listen to a symphony of frogs or the gentle hum of an air conditioner for hours, but preferably wrapped around some haunting otherworldly music, creating a glorious hybrid of subtle murky mystery.

We've sung the praises of Philip Jeck and his creaking antique turntablescapes, the murky looped loveliness of William Basinski, the strange warm fuzzy pixelated guitarscapes of Fennesz, the dreamy electronic droneworlds of Tim Hecker, and most recently, the gorgeous post-rock dreampop haze of Swedish bedroom soundscaper Jasper TX. It's no coincidence that this record, the latest from Dutch sonic explorer (and former doom metal guitarist) Machinefabriek is on the same label as the Jasper TX. Both share a similar approach, burying gorgeous melancholy sounds beneath all manner of sonic disturbances and musical interference. After discovering the Jasper TX record, we looked a little deeper at the Lampse label and decided that we just may have found ourselves a new favorite label. Murky and pretty and fuzzy and so so so pretty. Everything we've heard so far. Instead of looking at Lampse as just the label, one can almost picture Lampse as the actual artist, and each release an epic track from some massive hours long murky muted masterpiece Each of those tracks dense with subtly varied parts and movements, each its own entity for sure, but at the same time one piece of a larger and indescribable puzzle.

Where Jasper TX was deeply rooted in soft indie rock jangle and sleepy bedroom pop (albeit swathed in a thick cloak of blur and grit), Machinefabriek approaches the same sound from a slightly different direction, each piece a lengthy slowburn epic, brooding gradually building ambience, grandiose washes of sound, the cinematic dynamicism of Mogwai or Earth, filtered through the looped hypnosis of Basinski, pianos and guitars rendered as abstract sounds, smeared and swirled into buried minor key melodies and and slow shifting chunks of sonic mood music. Marijn is Machinefabriek's sonic travelogue of a journey through the abyss, a soundworld cloaked in fog and draped in constant darkness.

Our first glimpse of the other side is a gorgeous echoey world of record crackle and pop, of thick reverb and crunching creaking ambience. Like a beat up old record player stuck in the run out groove of an old 78, recorded at the bottom of an enormous cavern, eventually soft warm swells surface beneath the rainlike crackle, a mournful melody of delicate piano and whirring drone, the notes of the piano blown out so they distort and waver a bit like bad radio reception or some strange atmospheric interference. Some antique piano recital recorded on a wax cylinder and then broadcast from tiny blown out speakers in a huge empty warehouse, then broadcast over shortwave radio and finally heard through a battered pair of old headphones.

The rest of the record, while not as obviously damaged (in terms of crackle and distortion and fuzz) is rife with sounds equally obscured and obfuscated, lilting lonely pianos and haunting music box melodies drift beneath some strange sonic murk, occasionally interrupted by strange crumbled digital interference and all manner of stuttery hiccuping glitch and skitter, as if some other piece of music is trying desperately to claw its way through. Eventually, the distortion and audio damage recedes just enough to allow a simple piano motif to drift softly and subtly across a soundscape of barely there drone and hushed melody. From far off in the distance, warm warbles and shimmering sheets of sparkling muted sound appear, glimmering softly, like the reflection of light in some undersea cavern, lit only by the glow of indirect sunlight, waves and ripples and strange patterns shiver and shimmy subtly. Then, a piano begins unfurling a funereal crawl, mournful and melancholy, before being slowly enveloped by a digital swarm, a swirling dizzying drone, until it's almost like a blinding white wave of fuzz and hiss, but beneath it all, a sad melody still lurks, just an echo, a shadow, a warm rich whisper behind a blinding roar. The final passage is a near 20 minute piano meditation, soft and smooth, notes drift and shimmer, simple but stately and sweetly sorrowful, nestled in a tangled bed of digital hiss, slowly swelling chordal hum and whispery keening drones, all beneath a distant whir like some alien orchestra tuning up, the soft cacophony building slowly into the thick wash of static and distortion slowly swallows the melody whole, until all that remains is a ghostly afterimage, a shimmery outline, a fuzzy faded memory...

Indiecult

'Marijn' is the debut album of Dutch musician Rutger Zuydervelt and the follow up to a string of increasingly acclaimed hand-made CD-R releases. Utilising acoustic and electronic instruments, it straddles its own unique margin of decaying ambient noise, throwing up multitudes of evocative images and parallel earth images- like an Yves Tanguy landscape found buried in the future.
Opening track 'Kreukeltape' announces itself with cavernous clicks and cuts, massively amplified plugging and unplugging of guitar, wilting piano and backwards noise and there are certainly shades of decomposition hero William Basinski. But this reference quickly fades as Machinefabriek staggers into territory all of his own sculpting. 'Somerset' combines eerie drone, brittle panning textures and glockenspiel with acoustic guitar and rapid submerged bursts of processed noise, which slowly build to overwhelm space. 'Wolkenrabber' forms out of stark piano and its shy drones unfurl quietly as digital wind and waves give way to bewildering interruptions of strange sound eventually surrendering to a tightly shimmering guitar loop reminiscent of both Fennesz and Steve Reich. As the noise takes on a menacing air and a disturbing outburst becomes anticipated the sound falters and we're into the disconcerting and eerie 'Schipbreuk'.

Throughout the album, Zuydervelt proofs himself a master of atmospherics and control, creating Hitchcockian tension building suspense and pulling back. Drones give way to piano and then to noise and so on and so forth. This threat and promise is finally exorcised on the extraordinary 20 minute 'Lawine' where these oscillations range at their most extreme from the stillest of silence to a slowly enveloping noise whilst all the time a simple piano treads tentatively, the eventual collapse into sheet cacophony exhilirating and liberating. For all its noise, these pieces never lose their emotional heart.
A truly remarkable work.

Radio 100

Machinefabriek ("Following on from the truly delectable 3" releases, the time has finally come for a full length Machinefabriek album - with Rutger Zuydervel drawing on a slew of influences for debut LP 'Marijn'. Woven together from filigrees of diffused sound, the music contained within 'Marijn' is like a slow-burning candle - shedding little light on it's source, but nonetheless creating an ambience and glow that can't help but draw you in. Similar in structure to the less oppressive end of drone, 'Marijn' opens through the crumbly textures of 'Kreukeltape' - wherein a thrum of crackling elements gently accrue light and shade through the introduction of muted piano, distant rhythms and fuzzy processing. Juxtaposing the austere with the inclusive, 'Kreukeltape' is the perfect entrance to Machinefabriek's world, with the musique-concrete elements lapping against a more soundscape-orientated angle that is dark but not claustrophobic. From here, the next stop is 'Somerset' and a masterclass in unobtrusive micro-electronic compositions, as the spindly production is used to buttress the freewheeling atmospherics and distant radio signals on top, whilst 'Wolkenkrabber' massages found-sound detritus into a tape-fed compote of intense beauty. With the sonic squall of 'J'espere CA' and throaty dissonance of 'Schipbreuk' both equally beguiling, Zuydervel closes the album with the eighteen minute climax of 'Lawine' - a cascading build-up of aural peaks that represents a tsunami of sound which never threatens to belligerently overwhelm the listener. 100% cotton...

3voor12 Arnhem/Nijmegen

Vraag: overtuigt Machinefabriek op zijn eerste volwaardige full length album? Antwoord: ja! De afgelopen drie jaar verschenen er van Machinefabriek (ook wel bekend als Rutger Zuydervelt) in eigen beheer handenvol 3"-cd's met daarop Rutger in de weer met telkens weer andere instrumenten of apparatuur. De kwaliteit van deze cd's wisselde per release, zo ook de lengte van de songs. Machinefabriek kan mooi opgebouwde brokken noise produceren, maar ook kleine, lieflijke casiodeunen passen in zijn muzikale wereld. Een wereld die voor zijn eerste full length album - en daarmee eigenlijk zijn officiële debuut - kleiner lijkt dan ooit.

'Marijn' is uitgebracht door het eigenzinnige en vooruitstrevende Engelse label Lampse. Het is een coherent album. Spaarzame en glooiende melodielijnen worden door piano of gitaar neergelegd waarna drones, allerhande (analoge) elektronica en 'found sounds' het spel uiteindelijk winnen. Zes tracks in vijftig minuten. Een plaat die enkel in het midden ('Wolkenkrabber') eventjes, vergeef mij de woordspeling, inzakt. De andere vijf stukken laten Machinefabriek van zijn beste kant zien.

Opener 'Kreukeltape' en de afsluitende dubbelbill 'J'espere ca'/'Lawine' behoren tot de meest evenwichtige stukken die Rutger produceerde. In 'J'espere ca' wordt een prachtig stukje minimal music langzaamaan de das omgedaan door een monsterlijke baspartij en een geluid dat nog het meest in de buurt komt van het reinigingsbusje van de Gemeentereiniging.

En zo is de noise beperkt gebleven tot enkel de laatste twee tracks. Daarmee is 'Marijn' nog geen toegankelijk album geworden. Wel een album dat tijd nodig heeft. Machinefabriek toont met 'Marijn' aan tot de beste elektronica-artiesten van Nederland te behoren. Tijd om eens in het buitenland te gaan kijken. Zou Engeland een eerste mooie stop zijn?

Nathanberlinguette

Machinefabriek is the music of Dutch artist Rutger Zuydervelt. The CD sounds like a glorious collaboration of some of my favorite noise artists. Beautiful and distant piano pieces weave in and out of haunting yet tranquil drones. Ambient melodies that sometimes sound like Tim Hecker and Fennezs remixing the music of The Swans or The Rachels. The music contained within 'Marijn' is like a slow-burning candle - shedding little light on it's source, but nonetheless creating an ambience and glow that can't help but draw you in. In addition to it's wonderful sounds, 'Marijn' looks as good as it sounds.

I'd recomend to the newcomer to the vast world of soundscape-oriented art. It's an easy listen that won't make drive you (or your roomates) crazy. It may not be the easiest record to find but I know they're selling at www.aquariusrecords.org cause that's where I got my copy. Plus they have a much more eloborate review of the record.

Textura

A decayed atmosphere pervades Dutch musician Rutger Zuydervelt's Machinefrabriek release. Zuydervelt pushes the experimental dimension further, with two of its six pieces ambitious ten- and twenty-minute excursions. At times Marijn sounds remarkably kin to the Kuukkas' album while at other moments it departs dramatically from it. For instance, the opener "Kreukeltape" drenches piano in crackle though does so more combustibly, and a glockenspiel also brightens "Somerset" yet Zuydervelt's incorporation of guitar treatments adds considerably more menace. The concluding pieces "J'espere ca" and "Lawine" are particularly well-calibrated in how deliberately they navigate through slowly unfurling mood changes. The dramatically reverberant piano rolls that open "J'espere ca" quickly vanish within a gargantuan vortex of static and noise that eventually subsides, leaving in its wake flickers that gradually fade too. If anything, "Lawine" tightens the noose even more, with tension building glacially over twenty minutes when the piece escalates from simple piano figures at the outset to an unbelievable cyclone of noise by the end.

Ultimately, Zuydervelt's wide-ranging collection of textures and atmospheres works best as a whole; a middle piece, for example, "Wolkenkrabber" is a solid enough but not especially remarkable example of the ambient-glitch drone genre, but heard within the context of the album succeeds better. A point worth noting, incidentally, but one that's perhaps moot, given that Marijn is worth having for the awesome "Lawine" alone.

Angryape.com

Rutger Zuydervelt creates understated, weatherbeaten electronics with a subtlety comparable to William Basinski, sculpting twisted scraps of static and scratched piano recordings into elegantly crafted stormcoulds.

The album is meant to function as a whole and carries symphonic airs about it, with slowly baked drones and dusty details pervading the totality of Marijn.
Wolkenkrabber reaches out eagerly over ten minutes, beginning with sparse piano which decomposes into slowly growing drones that stretch out, morphing over the entirety of the elongated track.

Following on seamlessly, Schipbreauk and J'espere Ca carry the drones further, incorporating minute elements of industrial samples, which add little more that detail, allowing the subtlety to carry an encompassing feeling of detachment and distance.

Lawine bridges twenty minutes, sliding between barely audible monotones, increasingly deficient of structure and melody, like a decorated Buddha Machine, it's unclear what's changing. Oceanic piano drifts as if lost over miscellaneous strings to hollow out a cavern of feedback and echoing white noise which falls away to nothingness.

De:bug

Nach zahlreichen CDr's kommt Rutger Zuydervelt nun mit seinem ersten 'richtigen' Album un schlägr gleichzeitig eine neue, überlegtere Richtung ein. Regierte früher das Experiment, ist 'Marijn' brilliant durch-komponiert, durchdacht und - ja - schlicht fantastisch. Wundervolle Klangkollagen mit viel Gitarre und wenig digitalem Gekrabbel, spontanen Ausbrächen a la Fennesz und Klavier-Miniaturen, die einen sprachlos machen. Alles, einfach alles kommt Gerausch im Hintergrund moduliert, von gottesgleichem Fiepen begleitet und von verhuschten Kirchenklokken umspielt. Und der Wind Weht.

Vital Weekly

The CDR as testing ground worked pretty well for Machinefabriek, our almost local hero Rutger Zuydervelt. He released about fifteen or so 3" CDR privately, which gained interest from all around. Lampse won the battle to release his first 'real' CD and we can finally hear which direction he chooses. His private releases went in all sorts of directions, from downright noise to almost electronic pop-songs and anything in between. And perhaps of course the next Machinefabriek will be entirely different, you never know for sure with Rutger. But for his debut he made a good choice. Playing around with both musique concrete electro-acoustics, as-well as computer processed sounds, in combination with a real piano, he crafted together six new tracks which play all more or less a melancholically card. All six pieces are in the darker corner of the musical spectrum. Sometimes I thought this was very good micro-sounding material, but Machinefabriek certainly adds much more to the roster.
The touching of objects in the opening piece 'Kreukeltape' or the piano playing in the closing 'Lawine', in which the electronically processed sounds slowly take over, which then start to move towards a big crescendo. Both the noise and the popsong are far away, if not completly wiped off the planet. This planet that is. An excellent new start, or perhaps his big bang: I am sure much more delights will follow.

Roy Santiago

Shit!! Wat is die plaat ontzettend mooi!
Het is moeilijk te omschrijven. Het klinkt eigenlijk vooral als de winter: je zoekt de warmte op omdat het buiten zo koud is. Zo hard als ik het live heb gezien, zo verstild klikt de plaat. Pas tegen het einde begint het pas te rommelen. Maar het is niet nerveus verstild. Het is niet dat je er de tijd voor moet nemen, dat gebeurt vanzelf. Ik kom er niet echt uit, merk je al. Gewoon zelf kopen die sjit! Merk je het vanzelf!

 

marijn

marijn

marijn-lp

marijn-lp